-Toen we tijdens de terugrit (lees voor het verslag daarvan de heenrit in omgekeerde volgorde) ongeveer alle CD's twee keer hadden afgespeeld, verzon Pierrot de bezigheid. Bij het binnenrijden van elk nieuw dorp, vroeg hij: "En, waar zijn we nu?" In België zeg je dan: in Eine, in Mater, in Melden, in Leupegem. Hier duurt het correct uitspreken van het dorp even lang als het doorkruisen zelf. Thieumbeul, Tivaouane, Thinou Barik, Ngueye Ngueye, Ngueye Nguaye, Ndiakate Kour, Dhakar Ngogne, Mbédiene. "Wat zeg je?" Thieumbeul, Tivaouane, Thinou Barik, Ngueye Ngueye, Ngueye Nguaye, Ndiakate Kour, Dhakar Ngogne, Mbédiene.
Niets mooier dan Molepolole, toch. Net voor we bijna zeven jaar geleden naar Botswana vertrokken, zaten we naar een kaart te turen. Molepolole, daar zouden we wel willen wonen. Een bezoek en wat wijsheid later, haalden we opgelucht adem dat het Tlokweng werd. In Molepolole stonden evenveel hutten als letters...
-Bij gebrek aan beters dansten Pierrot en Ophélie hun dagelijkse portie op de ringtones van de GSM.
-Pierrot vond Djoudj top of the bill. Gewapend met een piratenkijker speurde hij de rivieroevers af op zoek naar ... indianen. Een keer te veel naar Peter Pan gekeken?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten